Er wordt wat af-verhuisd, de woningmarkt is in beweging. Vaak is verhuizen iets fijns. Verhuizen naar een groter huis, een rustige omgeving, of juist midden in de stad. We kiezen er zelf voor en we gaan erop vooruit. Het is een kunst om iets geschikts en betaalbaars te vinden. Als alles eindelijk rond is, wordt de champagne ontkurkt.

En toch, hoe je ook bent, temidden van de lichtheid van de bubbels overvalt je daar opeens een wat zwaar gevoel van.. nostalgie?

Ja, inderdaad, verhuizen kan zeker een wat triestig gevoel oproepen. Want ook al zijn de vooruitzichten goed, je laat iets achter dat veel voor jou betekent. Dat te beseffen en toe te laten, kan je al helpen. Het is ook niet niets wat je achterlaat. Het huis waar je voor het eerst ging samenwonen, waar je kinderen werden geboren of je kat is ingeslapen. Zoveel gelukkige en intense herinneringen die zijn verbonden met de ruimtes in je leefomgeving. Een echt huis is meer dan een verzameling stenen, het is jouw plek waar je je veilig voelt en je leven leeft.

Het goede nieuws is dat je alle herinneringen met je meeneemt. Dat heb ik ervaren toen ik het huis verkocht waar ik zeven gelukkige jaren met mijn man heb doorgebracht. Hoe moeilijk ik het ook vond het huis achter me te laten, ik voelde dat de herinneringen uiteindelijk in mijzelf zaten – niet in het huis.

Heel bewust ben ik, nadat de verhuiswagen was vertrokken, door elke ruimte van het huis gelopen. Ik stond letterlijk stil bij elke kamer en de herinneringen. Toen voelde het afgerond tussen mij en het huis. Ik kon door naar een nieuw huis, om daar mijn thuis van te maken.